J. (Jan) Bussemaker

Ambtsperiode 1844-1855

Na het vertrek van Lantman wordt Jan Bussemaker in 1844 burgemeester van Borne. Midden negentiende eeuw is Borne een plattelandsgemeente waar naast de gebruikelijke ambachten en agrarische activiteiten, ook de eerste tekenen van moderne industrialisatie zichtbaar worden. Aanvankelijk betreft het vooral de verdere ontwikkeling van textielnijverheid die door zogeheten fabrikeurs, zoals linnenmaker Bussemaker, al in de zeventiende eeuw was begonnen. In de eerste helft van de negentiende eeuw (in 1828) start Salomon Jacob Spanjaard in Borne een textielweverij. Toen nog niet bevroedend dat deze prille onderneming uit zou groeien tot een groot textielbedrijf dat veel impact op inwoners en de gemeente Borne zou krijgen. Het dorp beschikt dan inmiddels ook over een bescheiden haven, waar de Bornsche Beek die dwars door het dorp stroomt, debet aan is. Het haventje zorgt voor bedrijvigheid, maar is te klein om Borne te doen uitgroeien tot een industriële plek van importantie. Jan Bussemaker begint zijn burgemeesterscarrière in Tubbergen, waar hij vanaf 1832 meer dan tien jaar dient. In 1844 wordt hij in Borne benoemd. Daar blijft hij burgemeester tot aan zijn dood in 1855. Het fraaie Bussemakerhuis dat ligt aan de Ennekerdijk in de evenzo fraaie oude dorpskern van Borne, is thans rijksmonument en historisch (textiel)museum. Het is vernoemd naar zijn familie. 

In Borne is de Bussemakerstraat naar de burgemeester vernoemd.