Bodemonderzoek beoordeling

In verband met gezondheidsrisico’s mag een bouwwerk, bestemd voor (voortdurend) gebruik, niet gebouwd of verbouwd worden op verontreinigende grond. Om deze risico’s uit te sluiten, dient bij aanvraag van een omgevingsvergunning een onderzoek te worden uitgevoerd naar bodemverontreiniging.

Het bodemonderzoek dient te gebeuren voordat de definitieve toestemming tot het bouwen wordt gegeven en nadat eventuele sloopwerkzaamheden zijn voltooid. Er moet immers worden vermeden dat, ten gevolge van de sloop, alsnog een bodemverontreiniging optreedt die dan niet wordt gesignaleerd.

Resultaat
Het resultaat van het bodemonderzoek wordt door de gemeente beoordeeld (bodemonderzoek beoordeling). Is het onderzoek correct uitgevoerd en blijkt de bodem niet (zodanig) verontreinigd dat schade of gevaar is te verwachten, dan kan gebouwd worden.

Vrijstelling
In bepaalde gevallen kan een vrijstelling worden gegeven van het uitvoeren van het bodemonderzoek. Zie hiervoor het product bodemonderzoek vrijstelling.

Het bodemonderzoek dient, samen met de aanvraag omgevingsvergunning, ingediend te worden via www.omgevingsloket.nl

Voor bodemonderzoek beoordeling worden op basis van de legesverordening leges geheven.

Informatie kan worden verkregen bij de Publieksbalie, telefoon 14 074.

Een bodemonderzoek is verplicht, indien de bouw of verbouw vergunningsplichtig is en valt buiten een aantal vastgestelde situaties. Zie hiervoor Bodemonderzoek vrijstelling.

Benodigde gegevens voor aanvraag van het onderzoek:

- Naam en adres van de aanvrager.
- Gegevens met betrekking tot het perceel waarop het bodemonderzoek betrekking heeft.
- Een onderzoeksrapport, opgesteld volgens het Nederlands normblad NVN 5740 (in tweevoud in te dienen).
- Tekening van bouwwerk en ligging.

Procedure:

1. Nadat het onderzoeksrapport is ingediend, controleert de gemeente of de gegevens correct en compleet zijn.

2. Bij een niet-compleet of -correct rapport, ontvangt de aanvrager een brief met het verzoek de ontbrekende stukken/gegevens alsnog in te dienen. Gebeurt dit niet, dan wordt de aanvraag niet ontvankelijk verklaard en niet in behandeling genomen.

3. Het onderzoeksrapport wordt inhoudelijk beoordeeld.

4. De aanvrager ontvangt schriftelijk bericht over de beoordeling.

5. De doorlooptijd is maximaal 8 weken.